Kennisbank

Let op met de VAR !

Het gebruik van een Verklaring Arbeidsrelatie (VAR) waarbij bewust onjuiste gegevens zijn verstrekt, kan gevolgen hebben voor de toepassing van de inleners- en ketenaansprakelijkheid.

 

Zo kan een opdrachtgever die een opdracht verstrekt aan een opdrachtnemer die ten onrechte over een VAR-wuo of VAR-row beschikt, met de inleners– en ketenaansprakelijkheid worden geconfronteerd als die opdrachtnemer op grond van de juiste gegevens een VAR-dga had moeten hebben.

 

Hoewel de formele aansprakelijkheidsbepalingen van de Invorderingswet 1990 geen wettelijke volgorde van aansprakelijkstelling voorschrijven, zal de ontvanger, als deze situatie zich voordoet, in eerste instantie de bestuurders aansprakelijkheid inroepen tegen de opdrachtnemer (de dga) in zijn hoedanigheid van bestuurder van de rechtspersoon. Pas als die bestuurder geen verhaal biedt, zal de ontvanger een beroep doen op de inleners- en ketenaansprakelijkheid.

 

De opdrachtgever te goeder trouw die niet heeft kunnen constateren dat sprake is van een onjuiste VAR-verklaring mag niet de dupe worden van de onjuiste VAR-verklaring door een aansprakelijkstelling. In de Leidraad Invordering 2008 zal voor alle duidelijkheid worden opgenomen dat opdrachtgevers die te goeder trouw zijn afgegaan op onjuiste VAR-verklaringen niet aansprakelijk zullen worden gesteld op grond van de inleners- of ketenaansprakelijkheid. De brochure ‘De Verklaring Arbeidsrelatie’ zal ten aanzien van een mogelijke aansprakelijkstelling op grond van de inlenersaansprakelijkheid worden aangevuld. Daarmee wordt tegemoet gekomen aan de wens om meer duidelijkheid over mogelijke gevolgen voor de inleners- en ketenaansprakelijkheid.

 

Dit is één van de antwoorden op 17 vragen over de VAR van het Tweede Kamerlid Bashir (SP). De vragen zijn gesteld naar aanleiding een rapport genaamd “De Verklaring Arbeidsrelatie – De zin of onzin van de VAR”. (DGB/2010/861U) (06-05-2010) (Belastingtijdvak: 2010, var)

© 2018 DMBH | Privacy Statement